De taal van dieren

Katten kunnen niet praten. Dat is misschien maar goed ook: ze zouden waarschijnlijk voortdurend betogen afsteken over de onzin van diëten en de noodzaak van laaghangende vogelhuisjes. Maar dat ze niet spreken zoals wij, wil nog niet zeggen dat katten geen taal gebruiken.

Door Sterre Leufkens
kat telefoonkopie2
De taal van dieren heeft meer overeenkomsten met de taal van mensen dan je misschien zou denken.
Een kat kan inderdaad geen speech geven. Maar iedere katteneigenaar weet dat ze wel haar mening kan geven, en hóe. Katten kunnen, net als veel andere dieren, dus wel communiceren over hun wensen. Zweedse onderzoekers vermoeden dat ze daarbij een eigen accent gebruiken. Daar zouden ze niet de enige in zijn: van wolven, Amazonepapegaaien, potvissen en zebravinken weten we dat ze verschillende dialecten hebben.

Ook in het leren van taal lijken dieren op mensen. Zebravinken die in hun eerste levensjaar geen zang van groepsgenootjes horen, leren nooit om in hun dialect te fluiten. Zo werkt dat bij mensenjonkies ook: wie als baby geen taalaanbod krijgt, houdt altijd taalproblemen.

Verschillen tussen dieren- en mensentaal zijn er ook. Taalkundigen wijzen erop dat dierencommunicatie weinig structuur heeft. Zo gebruiken diverse apensoorten wel woorden, maar combineren ze die niet vaak met elkaar. Als ze al ‘zinnetjes’ maken, dan kunnen de woorden in alle mogelijke volgordes staan. Bij mensen werkt dat anders: bij ons betekent ‘man bijt hond’ iets anders dan ‘hond bijt man’. De volgorde is dus ook belangrijk.

Nog een verschil? Dieren doen niet aan taalvoutjes. Ik heb in ieder geval nog nooit een kat zien hinniken om het accent van de buurpoes. Of een aap zien gieren om een mislukte brul. Dieren hebben geen oordelen over elkaars taal. Ze kunnen dus ook nooit lekker lachen om elkaars gegrom, gepiep, en gejank. Wat een gemis!

Sterre Leufkens is de auteur van Taal, een boek in de reeks Elementaire Deeltjes (Amsterdam University Press). Het boek beschrijft allerlei facetten van taal, zoals de taal van oermensen, taal in de hersenen, kindertaal, en de taal van dieren. Daarnaast is ze samen met Marten van der Meulen het brein achter de populairste taalblog Milfje Meuskens. Eerder schreef ze een column voor Taalvoutjes – het boek 2 en een stuk over de taalontwikkelingen in 2015